Funderend Onderwijs

De Johan van Walbeeckschool is een Nederlandstalige Openbare school voor Funderend Onderwijs.

Bij de invoering van Funderend Onderwijs (F.O.) in het schooljaar 2002-2003 zijn de kleuter- en basisschool geïntegreerd
als één school van groep 1 t/m 8.

Op dit moment (2006) is Funderend Onderwijs tot en met groep 5 (klas 3) ingevoerd. De klassen 4 t/m 6 genieten onderwijs volgens
het traditionele leerstofjaarklassensysteem.

Voor wat betreft F.O. werken wij met heterogene leeftijdsgroepen: wij hebben 3 heterogene leeftijdsgroepen van vier-,vijf- en
zesjarigen in groep 1 en 2 en 4 heterogene leeftijdsgroepen van zes-, zeven- en achtarigen in groep 3 en 4.

Groep 5 is voor dit schooljaar nog niet heterogeen. De reden waarom wij voor deze heterogene leeftijdsgroepen hebben gekozen is om, conform een van de principes van F.O., de leerlingen in de gelegenheid te stellen van elkaar te leren.

Funderend Onderwijs

Funderend Onderwijs

Het concept van Funderend Onderwijs behelst een scala van belangrijke aspecten.

Enkele relevante aspecten waarvan sommige in het schema aangegeven zijn:

Eerste en Tweede Cyclus:

FO bestaat uit twee cycli: m.n. eerste en tweede cyclus.

Elke cyclus beslaat 4 jaar. Dus een snelle rekensom vertelt ons dat FO 8 jaar duurt.

Cyclus 1 loopt van groep 1 t/m 4 en cyclus 2 van 5 t/m 8.

Educatiegebieden:

Binnen het FO concept hebben wij het niet meer over vakken maar over educatiegebieden. Acht in totaal:

  1. Taal, Geletterdheid en Communicatie
  2. Wiskunde
  3. Mens en Maatschappij
  4. Mens, Natuur en Technologie
  5. Culturele en Artistieke Vorming
  6. Gezonde levensstijl en bewegingsonderwijs
  7. Sociaal en Emotionele Ontwikkeling
  8. Levensbeschouwelijke vorming

Kern- en Tussendoelen:

Elk educatiegebied bestaat uit domeinen. De domeinen bestaan uit kern- en tussendoelen. In de kern- en tussendoelen
staan omschreven wat de kinderen binnen de verschillende cyclci (hetzij eerste of tweede cyclus) moeten hebben ontwikkeld
aan kennis, vaardigheden en attitude.

De Veranderende Rol van de Leerkracht:

Binnen het FO concept heeft de leerkracht, vergeleken met de traditionele vorm van onderwijs, een andere rol:

De leerkracht faciliteert en begeleidt het leerproces bij kinderen.

De leerkracht organiseert leersituaties en richt het lokaal dusdanig, waardoor deze het leerproces beter op gang komt.
De verschillende leercenters spelen hierbij een belangrijke rol.

De leerkracht instructies aan grote en kleine groepen en individuele leerlingen. Deze instructies zijn afgestemd op
onderwijsbehoeften van de kinderen; zowel pedagogisch als didactisch.

De leerkracht is verantwoordelijk voor de leerweg van elk individueel kind en moet erop toezien dat deze ononderbroken
verloopt. Hierbij speelt differentiatie een belangrijke rol. Differentiatie heeft betrekking op aangepaste instructies
en activiteiten teneinde kinderen in gelegenheid te stellen om te leren. Dit kan gebeuren op niveau, werkvorm, tempo, etc.

De leerkracht volgt het kind, registreert zijn/haar ontwikkeling en legt zijn/haar succesvolle vorderingen vast op checklists
en in portfolio. Hierbij wordt aandacht besteed aan zowel verworven kennis, vaardigheden als attitude. Vaardigheden zoals:
doorzettingsvermogen, zelfstandigheid, samenwerken, plannen, etc. dienen ontwikkeld te worden bij kinderen teneinde een
optimale ontwikkeling binnen FO te garanderen. D.m.v. reflectie wordt met de kinderen geëvalueerd wat hun vorderingen zijn
m.b.t. deze vaardigheden.

De leerkracht is ook verantwoordelijk voor zijn/haar eigen persoonlijke en professionele ontwikkeling en dient d.m.v.
reflectie deze bij te houden en waarnodig leerdoelen te formuleren teneinde de nodige vaardigheden te ontwikkelen en kennis
te verwerven. Dit allemaal met de bedoeling om beter in staat te zijn de kinderen te helpen in hun ontwikkeling.

Ontwikkelingsgericht:

Dit heeft betrekking op de kern van FO, waarbij men het kind centraal stelt en zich richt op diens ontwikkeling.

Authentieke Evaluatie:

Is een evaluatiemiddel dat voorbeelden omvat van wat kinderen werkelijk kunnen doen; zoals een verhaal wat ze geschreven
hebben, een natuurkundig project dat ze hebben afgemaakt of een wiskundig probleem dat ze hebben opgelost. Deze werken
worden deels opgenomen in hun portfolio.

Zelfstandig werken:

Zelstandig werken is een zeer belangrijke vaardigheid, binnen het FO concept, die kinderen dienen te ontwikkelen. Het
leerkrachtenteam dient een klassenorganisatie en –management te ontwikkelen die dit mogelijk maakt.

Heterogeen:

Heterogeen heeft binnen het FO concept vooral betrekking op leeftijdsgroepen. Een andere benaming hiervoor is “multi-age”.
Door met heterogene leeftijdsgroepen, worden kinderen in de gelegenhid gesteld om van elkaar te leren.

Actief Leren:

Met actief leren wordt binnen het FO concept bedoeld dat kinderen leren door te doen en zelf te ontdekken. Deze vorm van leren
sluit aan bij de principes van Jean Piaget.

Geintegreerd Curriculum:

Door middel van thema’s worden de verschillende educatiegebieden geïntegreerd. Dit gebeurd in de vorm van een web.
Deze aanpak biedt de leerkracht en de leerlingen meer ruimte om hun interesses te volgen.
Het stelt de leerlingen in staat binnen de zinvolle contexten met een variëteit aan thema’s te leren
De thema’s kunnen gebaseerd zijn op de inhoud van de kerndoelen
In het algemeen kunnen thama’s één tot vier weken duren.